Volgende bepalingen voor het droppen en opnieuw
droppen van de bal.
Appendix 1 deel B-8,blz 156,of decision appendix 1part B, blz 562
Als de bal in een waterhindernis ligt,mag men handelen volgens r26-1 waterhindernis, of als extra mogelijkheid, met 1ss een bal droppen in de droppingzone.
In een local rule kan het voorkomen dat als men in een laterale waterhindernis ligt men moet droppen in de droppingzone als er geen mogelijkheid is tot het droppen binnen 2 clublengten niet dichter bij de hole.dus als je bal naast de green het water inrolt,en er is geen ruimte voor 2 clublengtes,dan moet je droppen in de droppingzone.
Wanneer een droppingzone in gebruik is gelden de volgende bepalingen voor het droppen van de bal;
A; De speler hoeft niet in de droppingzone te staan wanneer hij de bal dropt.
B; De gedropte bal moet eerst een gedeelte van de droppingzone raken.
C; Als de droppingzone gemarkeerd is door een lijn is de lijn in de droppingzone.
D; De gedropte bal hoeft niet in de droppingzone tot stilstand te komen.
E; De gedropte bal moet opnieuw worden gedropt als hij in een ligplaats rolt en tot stilstand komt als beschreven in r20-2c(i-vi)
F; De gedropte bal mag dichter naar de hole toe rollen dan waar hij het eerst de baan raakte, mits hij tot stilstand komt binnen 2 stoklengten van die plek en niet in de hier boven beschreven ligplaatsen.
G; met in achtneming van bovenstaande E en F,mag de bal dichter naar de hole rollen en tot stilstand komen dan,zijn oorspronkelijke of benaderde ligplaats r20-2b,het dichtstbijzijnde punt zonder belemmering r24-2,24-3,25-1,25-3,of het punt waar de oorspronkelijke bal het laatst de grens van de waterhindernis kruiste r26-1.